Canada 2010

Canada 2010

Klik op de foto voor een groter beeld

Vandaag gaat het gebeuren, we gaan vertrekken naar Canada.
Rond half 10 rijden we aan richting Ruud en Yvanka, die ons naar Dusseldorf zullen brengen.
De reis verloopt voorspoedig en er is zowaar een korte parkeerplaats beschikbaar.
We drinken nog even samen een bak koffie en zien dat we al vertraagd zijn, achteraf gaat dit een uur worden.
Dan nemen wij afscheid en gaan door de douane want we gaan nog even tax-free shoppen.
We eten een broodje en boarden tegen 14:00 uur.
Negen uur en een kwartier vliegen is nogal lang, maar Air-Berlin zorgt ervoor dat we niets te kort komen.

Tegen half vier Vancouver-time landen we en komen we in de eerste file terecht voor de douane, dit duurt zeker 50 minuten en dat alleen om een formulier in te leveren.
Voordeel is dat de bagage al een tijdje ligt te wachten, die hebben we dus zo te pakken.
Op naar de ontmoetings area, waar Brigitte ons al staat op te wachten.
Eindelijk officieel in Canada gearriveerd.
Na te koffers te hebben ingeladen koersen we naar Richmond, waar we op champagne worden onthaald door Joseph en Brigitte.
Ze wonen in een leuk Canadees huis dat een gezellige sfeer ademt.
In Vancouver is het 28 graden, zodat we heerlijk buiten kunnen zitten.
We genieten van de salade Nicoise en natuurlijk van de Canadese Okanagon witte wijn die heerlijk smaakt.
Rond 22:00 vallen we in een reisdip en kruipen we in bed, met het gevoel of we de hele nacht op zijn geweest!!


Maandag 16-08
Na een wat onrustige slaap een uitgebreid ontbijt in de tuin.
Aansluitend rijden we met Brigitte en Joseph naar Stevenson een havenplaatsje dat onder monumentenzorg valt, waar wij eerst van buiten het dorp langs de oever van de Fraser naar Stevenson wandelen.
Het pad langs de Fraser is erg mooi, we komen langs Londenfarm, een historische boerderij, waar de pioneers zich als eersten vestigden.
We neuzen even rond in de tuin want het huis is gesloten.
Daarna wandelen langs de boulevard met een aantal huisjes waar de eerste Japanse visbewerkers woonden en leefden.
We eten fish and chips Pajo's uit een take a way langs Fraser river aan een picknik tafel.
Ook de Olympic Oval mogen we niet missen en we kunnen nog even binnen rondkijken in de inmens grote hal, waar nu geen ijs meer ligt.
Dan op naar de pub, de Flying Beaver, een pub waar watervliegtuigen vertrekken en aankomen, daar drinken we een pint en daarbij een potatoes skins.
(Potatoe skins, gepofte aardappel schil met bosuitjes, uitgebakken spekjes, sauer cream en cheddarcheese.)


Dinsdag 17-08
Vandaag gaan we naar Vancouver met Brigitte die ons eerst de Universiteit van BC laat zien en de stranden van Vancouver.
De koffie wordt gedronken op het strand bij een kiosk.
De auto wordt bij het Planetarium geparkeerd.
Met een heel klein pontje gaan we naar Granville Market een leuke overdekte markt met veel aanbod, voornamelijk foodproducten en heel touristisch.
Bij een viskraampje koop ik wat koud gerookte wilde zalm en bij een bakker een fullgrain broodje dat wordt mijn lunch.
Ook de winkeltjes in de omgeving zijn heel erg leuk.
We wandelen via een wandelpad naar de parkeerplaats en Brigitte rijdt ons naar de Broadway waar we nog wat lekkere dingen kopen in de Griekse supermarkt.



Woensdag 18-08.
We gaan naar Noord Vancouver en leggen als eerste aan bij Capilano Salmon Hatchery.
Dit is de oudste Zalmkwekerij van de provincie.
Er wordt goed inzichtelijk gemaakt hoe de zalm wordt gekweekt en daarna uitgezet.
Er is een vistrap gemaakt waar je de zalm kunt zien springen om de rivier op te komen naar de paaiplek.
De kwekerij is opgezet omdat er een klein stukje verderop een stuwdam in de rivier is aangelegd, hierdoor kan de zalm niet verder.
We wandelen via het bospad naar de stuwdam, die in 1954 is gebouwd en het stuwmeer doet dienst als drinkwaterreservoir.
Na wat te hebben rondgekeken rijden we naar Lynn Canyon Park, maar eerst even koffie met een hap.
Jeanette en ik besluiten naar de 80 meter lange Suspension Bridge te gaan lopen via de Baden Powell trail, terwijl Joseph en Brigitte met de auto gaan naar de bij de brug gelegen parkeerplaats.
De brug is een 80 meter lange hangbrug 68 meter boven de Lynn Creek.
Bij de brug is ook een café en een mooi Ecologisch centrum wat veel informatie geeft over de fauna en bosbouw in dit park.
Na een paar keer de drukke brug overgestoken te hebben, gaan we op zoek naar Brigitte en Joseph.
Die zijn niet te vinden, een paar keer naar de parkeerplaats gelopen, maar helemaal niets.
We besluiten na zo'n uur maar terug te gaan naar het café waar we eerder koffie hebben gedronken.
Halfweg komen we ze tegen, zij hebben alle parkeerplaatsen bezocht in het park.
Maar wij hoeven gelukkig niet terug te lopen naar Richmond.
's Avonds maakt Joseph Salmon of the Forrest, met echte wilde zalm, een gerecht om te onthouden.


Donderdag 19-08.
Vandaag is het feest, Brigitte is jarig, we versieren de eetkamer en de tuin met onze meegebrachte Hollands getinte vlaggetjes en ballonnen.
Voor de eerste keer ontbijten we binnen, er wordt regen en een lagere temperatuur voorspeld.
's-Middags lopen we nog even naar Richmondcentre, waar een enorm groot shopping mall is.
In de avond wordt het echte feest gevierd, met begeleiding van de Beatles met when I'm 64.
Ik kan mijn engels weer een beetje ophalen met de verjaardagsgasten.


Vrijdag 20-08,
We gaan samen naar Vancouver met de Canadien line een soort metro.
We bezoeken Gastown met zijn stoomklok, die het klokkenspel achterwege laat als wij er zijn.
Voor op het tuinhuis kopen we een windmolen van een Hummingbird en oorbellen van een steenmannetje (Inukshuk, Inuit) voor Jeanette.
Vandaar gaan we naar Chinatown, de Chinese wijk met veel leuke winkeltjes met kruiden gedroogde vis en niet te definieren andere gedroogde produkten.
We eten samen noedels met 2 toppers voor totaal $ 8,00 ( € 6,00) voor 2 personen.
Het is niet echt een restaurant, maar meer een chinese Mac Donald, veel afhalers en geen sfeer binnen.
Door Hastings, de drugsbuurt, waar alle gebruikers en gestoorden bij elkaar zitten, een bizar geheel.
Dan naar Stanleypark via de boulevard, waar veel mensen gebruik van maken,
Veel grote boten in de haven en een visser staat zalm schoon te maken met veel aandacht gadegeslagen door 2 zeehonden.
Ook wij vervolgen onze weg samen met alle anderen, joggers, skaters, buspassagiers, fietsers en wandelaars.
De totempalen bekijken, even wat water drinken en dan weer terug naar onze gastgevers.


Zaterdag 21-08 We halen onze huurauto op bij Alamo-cars, het is een Nissan Versa, een leuke auto die in Nederland niet te koop is. Nog even koffie met Brigitta en Joseph en dan naar Tsawassen voor de ferrie naar Nanaimo op Vancouver Island.
Bij het wachten op de ferrie shoppen we even in de winkeltjes aan het haven hoofd.
Er gaat wat mee met de ferrie naar Vancouver Island, campers, Vans, personenauto's en bijzonder vrachtwagens, zoals een Mack getooit met doodskoppen.
Wat ons opvalt, is de doeltreffendheid waarmee de ferrie in een kwartier wordt geladen, wij zijn met de Griekse ferries iets anders gewend.
Als we arriveren in Nainamo gaan we richting Courtenay, waar we nog even wat boodschappen doen.
Vandaar rijden we naar ons vakantie adres, de Hidden Spring Farm, waar we de suite in het koetshuis hebben gehuurd.
Het ziet er schitterend uit en ligt net buiten Courtenay.
We worden leuk ontvangen door Bill en Dorothy, na even te hebben gezocht naar de lokatie.
Mooi in de bossen, alles splinternieuw, even door de Gym en klompen uut trekken naar de geriefelijke suite.


Zondag 22-08
Na het ontbijt op ons leuke gelegen overdekte terrasje rijden we naar Mount Washington.
Deze ligt ongeveer 18 km van ons logeeradres
Zo'n 4 km voor het kabelbaanstation moeten we stoppen, er blijkt een down hill race skateboard te zijn op de weg.
Na 20 minuten kunnen we verder, boven is het maar een graadje of 10, dus bijzonder fris.
Het is er erg druk met mountainbikers die vanaf de top naar beneden razen.
Ook lijkt er regen aan te komen, dus we besluiten naar Comox te gaan.
Daar parkeren we bij de haven, wat meer een jachthaven is dan vissershaven.
Er is een feest aan de gang voor sponsering tegen kanker, we bestellen een BatBurger, die zo zwart blijkt te zijn dat je er bijna kanker van krijgt.
We wandelen de lange oude houten havenpier nog even op, verder stelt Comox niet zo heel veel voor.
Nog even boodschappen doen en dan terug naar onze suite.
Als we daar aankomen vraagt Dorothy ons voor een glas wijn, ook hier is het klompen uut trekken, voordat je naar binnen mag.
We horen wat levensverhalen en krijgen een rondleiding over the property, de hot tub, the lake en de buitendouche.
Op ons eigen terras drinken we maar weer wat wijn en gebruiken de gigagasbbq om steaks klaar te maken.


Maandag 23-08.
Vandaag rijden we langs de kustroute naar Strathcona Provincialpark.
Als eerste doe we de trail naar Luppins Fall, nadat we zo'n anderhalf uur onderweg zijn.
De trails hier zijn allemaal vrij kort, maar we zien het één na andere fraaie uitzicht over Butterlake.
De tweede trail die we doen is die van Karst Creek, hier picknicken we ook.
Als we weer willen doorrijden zien we 300 meter verderop 2 kleine beertjes met moederbeer aan de rand van de weg in het bos verdwijnen.
Helaas zit het fototoestel in de kofferbak en als we terplaatse komen zijn ze niet meer te zien.
Door naar de laatste trail van vandaag, bij Shepherd Creek.
We doen nog even boodschappen in Campell river en dan naar de curriagesuite.
Bill heeft er een wandje uitgesloopt in zijn eigen huis, dat we nog even moeten bewonderen en dan duiken we even de hot tub in.


Dinsdag 24-08
Op advies van Dorothy rijden we naar Nymph Falls een Provincial Park met daarin een soort van watertrap met drie treden, waar je in de bassins kunt zwemmen.
Het water is echt koud, dus ik geef het voorbeeld maar.
Dan zwemmen we in het koude water en laten ons opdrogen op de rotsen in de zon, het weer is schitterend vandaag.
Later lopen we één van de vele trails door het bos, the long loop.
Aan het einde van de middag verkennen we Courtenay centrum en dan weer naar Hidden Spring Farm, een duik in het warme meertje en de hot tub.


Woensdag 25-08.
Vandaag zullen Joseph en Brigitte komen aan het einde van de middag.
Wij gaan 's-morgens naar het kleine haventje bij Courtenay Airport en huren een Canadese Canoe.
Tegen de stroom in peddelen we de Courtenay river op, want het is eb en de zee is daardoor moeilijk te bereiken.
Na een km of 2 komen we bij een stroomversnelling waar we niet doorheen kunnen.
Dus we laten ons terug zakken naar de zeemonding en dobberen daar nog wat rond.
Dan terug naar de Suite om op de bezoekers te wachten.
Die komen rond 4 uur aan en we drinken alvast maar een glas wijn voordat we nog wat boodschappen gaan doen in Courtenay.
Het diner is spaghetti met verse italiaanse saus.


Donderdag 26-08
Na het uitgebreide ontbijt rijden we richting het zuiden langs de oude kustweg.
Ons doel is Qualicum Beach.
We stoppen langs de boulevard en lopen langs het strandpad voor een bak koffie op een terras, lekker in de zon.
Met uitzicht op Denmann Island genieten we van de slappe Canadese koffie.
Daarna wandelen wa naar de Old Dutch Inn, waar Brigitte op zoek gaat naar stroopwafels, die zijn er vandaag niet, dus maar iets anders dan gekocht.
Het wordt een Hollands waxine kaars houder, delftsblauw met een windmolen er op.
Aansluitend wandelen we naar het centrum, waar ze leuke winkeltjes hebben en we eten er bij een italiaan.
Rond 3 uur gaan we terug naar Courtenay om ons wat op te frissen, maar stoppen nog even bij het leuke stationnetje van het dorp.
Aansluitend gaan we naar Comox, waar we te gast zijn bij Winnie en Walt, vrienden van Brigitte en Joseph.
We worden daar rijkelijk verwend met fruit, vis en grote steaks van de bbq.


Vrijdag 27-08.
Mount Wasington is vandaag in beeld om bezocht te worden.
We vertrekken vanuit een zonnig gelegen Hidden Spring Farm en belanden als snel in de bewolking.
Aan de parkeerplaats ligt een cafe en de kabelbaanstations.
De kaartverkoopster belt naar boven hoe het op de top is, het is er brrrr 11 graden.
We gaan naar boven, hoe hoger we komen hoe lager de temperatuur wordt.
De wolken zakken over de top heen en als we boven aankomen is het dikke mist.
Het begint ook even te regenen, zo'n soort van ijsregen, maar dit stopt vrij snel weer.
We pakken een trail naar beneden, die behoorlijk steil is.
Als we beneden aankomen blijkt dat het daar behoorlijk heeft geregend, veel meer en harder dan boven, als we even later aan de soep zitten, valt het er weer stevig uit.
Hier op Vancouver Island zullen ze wel blij zijn want het heeft 2 maanden niet geregend.
Naar beneden maar weer, we doen even inkopen, o.a. bij de BC Liqorstore.
wijn en bier is hier niet te koop in de supermarkt, maar in speciale winkels, de zgn Liqorstores.
Bill en Dorothy komen op onze uitnodiging een glas wijn drinken, ze blijven gezellig de hele avond en we verdelen de bbq spullen die we hebben.
Het is een reuze gezellig samenzijn en we hebben veel lol en wijn met elkaar.
Tegen twaalf uur duiken we ons kingsize bed in.


Zaterdag 28-08
We staan bijtijds op en pakken alles in, ook de schone was die Dorothy voor ons heeft geregeld gisteren.
Vandaag gaan we verder, na een uitgebreid afscheid rijden we naar het zuiden, als eerste naar Coombs, daar hebben ze op het dak van The Old Market 2 geiten grazen, dat moeten we even zien.
Na weer een slappe bak door richting Port Alberni.
Vlak voor Port Alberni heb je langs de weg de Cathedral Grove, een korte trail met reusachtige bomen, de hoogste is 79 meter met een omtrek van ruim 9 meter.
Na de trail te hebben gelopen gaan we naar de haven van Port Alberni, waar we de zalm zien springen in de zee.
In een klein restaurantje eten we vissoep, reuze lekker, we buurten even met een Surinamer die al 50 jaar daar woont en nemen dan afscheid van Brigitte en Joseph, wij gaan door naar Ucluelet en zij gaan richting Victoria.
We moeten even zoeken naar onze B&B, maar als we dit vinden blijkt dat dit vrij nieuw is en dat we er alleen zitten.
we vragen de hostes naar een goed restaurant en die verwijst ons naar Black Rock, dit blijkt een super de luxe resort te zijn met navenante prijzen.
's-Avond eten we in een uitermate gezellig huiskamerrestaurant, Matterson House Restaurant, in de hoofdstraat van Ucluelet.


Zondag 29-08.
De overnachting in de B&B valt niet mee, de hele nacht draait de ventilatie op de badkamer, met een geraas alsof het een autosnelweg is.
Na ons B&B onbijt vanuit de koelkast, ook niet echt geweldig, pakken we in en gaan richting het lighthouse, waar we de lighthousetrail lopen van ca 2,5km, met uitzichten op de Pacific.
We signaleren geen walvissen, maar alleen golven.
Na deze trail, die onderdeel uitmaakt van de Pacific Rim Rail, rijden we richting Tofino voor de Rainforest Trail, een aan te bevelen trail.
Dan naar de Wickaninnish Inn een oud restaurant, wat nog niets open heeft om kwart voor elf, dus dan maar door naar Tofino zelf.
In Tofino kijken we een beetje rond, maar net als Ucluelet is het niet echt een idyllisch plaatsje, maar meer een veendorp.
We drinken een Vincente Mocha en dan richting Victoria maar weer, voor onze volgende stay.
Onderweg doen we Chemainus aan, waar de huizen zijn getooit met muurschilderingen, dit blijkt echt een leuk plaatsje te zijn met en aardig stationnetje.
Voor het diner vinden we de Secret Garden, waar we bij een oude dame Grieks eten.
Door naar Victoria waar we bij Jo Ann en Schotse Peter arriveren, de mulberrycottage bestaat uit een kamer met een bed en een soort van keukentje met daarin een stapelbed.
Ze zijn wel errug aardig en nodigen ons uit voor een glas wijn.
Net als iedereen hier hebben ze drie honden.


Maandag 30-08.
Op naar Victoria, een fietsminnende stad, we hebben van Jo-Ann het adres gekregen van een fietsverhuurbedrijf, daar rijden we naar toe.
We huren 2 fietsen voor 4 uur en starten met de Galloping Goose richting Sooke, het eerste deel van de route loopt hoofdzakelijk door de stad en langs de autoweg.
Pas na een kilometer of 12 begint het aardig te worden en fietsen we een beetje door bosachtig gebied.
Na zo'n 20 km besluiten we wat te eten en te drinken, bij Clen Lake, een meertje, in de buurt van Langford.
Er is daar echter niets te vinden en we moeten terug naar Colwood, waar we een koffie en broodje nemen bij Tim Horton, de koffiespecialist van Canada.
Dan terug naar Victoria, 3 kilometer voor het einde krijg ik een lekke achterband, dat wordt dus lopen.
Na de fietsen te hebben ingeleverd, gaan we naar downtown Victoria, even door de chinese buurt en dan naar de haven, het parlementsgebouw en nog wat zwerven.
We eten bij The Pink Bicycle, ik eet een Bisonburger, een aanrader.
Daar denken meer mensen zo over, het is bomvol en buiten staan er zeker 10 mensen te wachten.
Dan terug naar de cottage en nog even de hot tub in.


Dinsdag 31-08
Vannacht heeft het ontzettend hard geregend en deze morgen is het slechts 15 graden.
Eerst rijden we naar Sidney en in de kou winkelen we een beetje, maar het is niet aangenaam.
Via een mooie kustroute rijden we naar Victoria terug, we zijn uitgenodigd voor een lunch met Brigitta en Joseph.
Het eten is goed bij het Oak Bay Marina restaurant, waar we samen met Ted and Janet en hun dochter met kleinzoon en Hanah, luchen.
We hebben uitzicht over de haven en de lunch is very good.
Na de lunch gaan we naar het Noorden van Saanich, via de old Saanich Road, het is weer begonnen met regenen.
Het Lands-end bij Schwarzbay is desolaat en er wonen veel indianen, de zgn First Nation, die rond hun huis van alles droppen en er een puinhoop van maken.
Vanwege het slechte weer en de 14 graden gaan we maar terug naar onze kleine cottage.


s'Avonds worden er weer uitgenodigd voor een glas wijn en blijkt dat Jo Ann en Peter een nieuw gevormd koppel zijn. Woensdag 01-09
Na het ontbijt nemen we afscheid van Jo-ann en Peter en rijden richting Swartz Bay, van daaruit vertrekt de ferrie naar Salt Spring Island.
Het is nog behoorlijk druk bij de ferrie, Canada heeft een lang weekend voor de boeg, eindigend op Labourday, 6 september.
De oversteek duurt maar 30 minuten en we komen aan in Fulfort Harbour, dit is inderdaad een haven met weing huizen.
Van daar rijden we naar Ganges, de hoofdplaats van het eiland, een gezellig havenplaatsje.
Het doet hier allemaal een beetje Engels aan.
Nadat we boodschappen hebben gedaan rijden we naar Cusheon Resort, dat prachtig ligt op een schiereiland in Cusheon Lake.
De cabin is en lijkt niet wat er op de internetsite staat, het is een muffige bejaarde loftcabin, slechte keuze dus, maarja, voor 5 nachten!
Maar, het uitzicht maakt veel goed, lake view en bossen.
Na ons te hebben geinstalleerd rijden we terug naar Ganges en verkennen het dorp, een terras voor een biertje is niet te vinden, dus maar terug naar de Cabin waar we genieten van de ondergaande zon.
Tegen de schemering duiken er 2 deers op uit het gewas, ze grazen op het gras voor onze cabin.
Eindelijk kom ik eens aan lezen toe.


Donderdag 02-09
Na buiten op ons terras te hebben onbeten, gaan we richting Zuid Oost punt van het eiland.
We gaan Hicken in het Ruckle Provincial Park, het grootste Park van de Gulf Islands.
Van oorsprong was deze landpunt in bezit van de Ierse emigrant Henry Ruckle.
Het is een soort van knooppunten route systeem, we wandelen in totaal ruim 7 kilometer, met grote diversiteit.
Een stuk langs de kust over de Campground, dan Farmland, waarbij we de Historische boomgaard en boerderijgebouwen bezoeken.
Dan door een stuk bos, regenwoud weer naar de kustlijn terug, waar we picknicken aan zee.
Al met al zijn we zo'n 4 uur onderweg.
Nog even boodschappen doen in Ganges en als we terugrijden zien we op de horizon Mount Baker, in Amerika liggen, het is dus heel helder.


vrijdag 03-09
Vandaag willen we Mount Maxwell beklimmen, op aanraden van Judy, gastvrouw van Cusheon Lake Resort.
We slaan de weg in naar de Mount, die zoals voorspeld niet al te best is, smal steil, vol gaten en modderig.
Tot onze verrassing komen we met de auto bovenop de berg, die op 602 meter een fantastisch uitzicht biedt op de Oostkant van het eiland.
Het westen is buiten beeld door de hoge bomen die daar staan.
We besluiten een stukje af te zakken om te zien of we ook de westkant kunnen zien en nemen daarvoor trail 4.
Het is behoorlijk steil naar beneden door het bos, maar zo'n 100 meter onder de top komen we op een plateau met uitzicht op het westen.
In de verte kunnen we nog net de skyline van Vancouver onderscheiden en in het Zuid-Oosten zien we weer Mount Baker, in de USA.
We genieten van het uitzicht en klauteren na en kwartiertje weer omhoog, dat valt niet mee!
Omdat het as maandag Labourday is willen we zeker zijn van onze overtocht naar Vancouver, dus rijden we naar Longbay Harbour om te reserveren.
Het blijkt dat we daar niet kunnen reserveren, maar dat dit telefonisch of per internet moet.
We besluiten terug te gaan naar het Resort, waar we na heel veel moeite, slechte Wireless Internet verbinding hier, kunnen reserveren.
Er is alleen nog plaats op de ferrie van kwart over zeven 's-morgens, de rest is vol geboekt.
Even lekker een uurtje met de canoe (inbegrepen bij de Cabin) Cusheon Lake op.
Het weer is schitterend en het is heerlijk op het water.
's-avonds eten we spaghetty met Seafood, ik heb zelf Clambs, een soort van mosselen, gekookt in de witte wijn, die zijn heerlijk.


Zaterdag 04-09
Het is markt in Ganges, dus rijden we naar het stadje toe en weten nog een parkeerplaats te vinden.
Deze markt is niet te vergelijken met een markt in Nederland, iedereen, boeren, juweliers, bakkers, schilders, petjesverkopers, keramiek en andere snuisterijen staan met hun kraampjes zij aan zij.
Op de markt raken we aan de praat met Paddy Mac, een alias van John McMahon, Ierse immigrant, die een oorlogsboek heeft geschreven over zijn ervaringen, oa in Nederland.
We kopen het boek voor Brigitte en Joseph en laten het door Paddy signeren.
Ook amateur muzikanten zijn ruim vertegenwoordigd op deze markt en rond om ons klinken allerlei soorten muziek.
De topper maakt muziek in de kiosk op het veld bij zee, omgeven door een amfitheater achtig grasveld vol met mensen.
Het is Shane Philip, die alleen verschillende instrumenten bespeelt waaronder een drietal didgeridoo.
Leuke muziek en door de vele mensen is het een leuke voorstelling.
We kopen een CD van Shane, die 's-avonds optreedt in de rocktempel van Ganges.


Zondag 05-09
Onze laatse dag op Salt Spring Island en we rijden naar de Noord punt heen langs de oostkant.
Er staat een stevige koele wind als we bij Fernwood Point de lange steiger oplopen.
Het strand aan beide zijden strekt zich ver uit.
Aan het begin staat een bordje dat waarschuwd om geen schaaldieren te eten van dit strand, ivm vergiftigings mogelijkheid, welk gif kunnen we niet ontdekken.
Dan weer de auto in naar de Stonecuttersbay, daar parkeren we nemen de beach-trail, ca 1 km door het bos, naar het strand.
Het strand hier wemelt van de schelpen en hele grote oesters, op sommige plaatsen liggen zeesterren op het strand.
Na wat te hebben rondgezworven nemen we de trail weer terug naar da auto en rijden richting Vesuvius, de ferriehaven naar Crofton op Vancouver Island.
We willen hier wat eten, maar het enige restaurant bij de ferriehaven is gesloten.
Omdat er verder niets te vinden is op dit eiland waar je kunt eten, rijden we maar terug naar Ganges, waar we eten bij een Oysterbar met uitzicht op de jachthaven, een burger met gegratineerde oesters voor mij.
Na de lunch rijden we richting een winery, daar is het een drukte van belang.
Er treedt een Cubaans gezelschap op, dat met de pet rond gaat.<
We proeven even wat wijn en kopen een kado voor Peter en Margriet, waar we morgenavond worden verwacht voor een zalmparty.
Blijkbaar is dit het beste zalmjaar sinds 1913, dus bijna 100 jaar en is er heel veel zalm gevangen op Fraserriver.
Nog maar even lezen op het terras van de Cabin en inpakken, want morgen moeten we vroeg op.
Alleen jammer dat de chinezen die de Cabin naaast ons hebben gehuurd nogal wat herrie maken,


Maandag 06-09
Het is nog donker als we opstaan rond zes uur, het is mistig en regent.
Tegen half zeven, het is al wat lichter, zijn we gepakt en gaan onderweg naar Long Harbour, vanwaar de ferrie vertrekt.
We zijn niet de eerste, maar onze reservering is gelukt en we krijgen het ferrieticket voor The Queen of Nanaimo.
Precies op tijd vertrekt de ferrie, het eerste stuk is mooi, hij vaart tussen de Gulf-Islands door.
Onderweg doet hij Galianos-Island nog aan, waar ook een groot aantal auto's wordt opgeslokt door de ferrie.
Om kwart over negen komen we aan in een grijs en regenachtig Vancouver en koersen naar Richmond.
Er staat al een ontbijt op ons te wachten bij Brigitte en Joseph.
Na enig overleg wat we die dag zullen doen, wordt de keuze gemaakt voor een bezoek aan het MOA Museum of Anthropology, bij de Universiteit van Vancouver.
Ook hier zijn wij niet de enige bezoekers.
Het museum is zeer de moeite waard en heeft een goed gedocumenteerde expositie over de First Nation ofwel de Indianen.
Tevens zijn er verschillende ruimten met exposities van andere wereld bevolkingsgroepen, zoals Nieuw Guinea, Korea, Eskimo's, Lappen etc. etc.
We worden door de grote hoeveelheid overspoeld met informatie en na zo'n uur of drie zitten we dan ook vol en gaan weer richting Richmond, het regent nog steeds.
Aan het einde van de dag gaan we met zijn vieren naar Stevenson, naar Peter en Margriet.
Ons kado, de wijn van Salt Spring Island, samen met een lont waarmee je er later een olielamp van kunt maken valt goed in de smaak.
De zalm die Peter zelf heeft gerookt smaakt heerlijk en het diner aansluitend met twee soorten zalm van de bbq geblust met wijn smaakt ook heerlijk.
Peter en Margriet zijn zeer gastvrije mensen, ook met Ruth een vriendin van Margriet die daar logeert kunnen we het goed vinden.
Het wordt een dolle avond waar we veel plezier aan beleven en Margriet ontdekt allerlei nieuwe mogelijkheden van haar fototoestel waarmee veel hilarische foto's gemaakt worden, die ze ons gaat toesturen.
Verzadigd gaan we om een uur of elf weer richting Richmond, om na een lange dag onder de wol te kruipen.


dinsdag 07-09
Na het ontbijt gaan we richting vliegveld om onze huurauto terug te brengen.
Dit is goed georganiseerd bij Alamo, je zet de auto achter in een rij en er komt direct imand met een handcomputer om alles te registreren, print de terugbreng bon uit en je bent weer weg, alles duurt 3 minuten.
Dan met onze gastgevers naar Stevenston naar de docks waar de verse zalm wordt aangevoerd en verkocht.
Mensen die met grote plasticzakken met 4 of 5 zalmen er in sjouwen lopen af en aan.
Nadat we koffie hebben gedronken gaan we richting Fraserriver, en bezoeken de gerestaureerde huisjes van de arbeiders op de werven, waar we nu binnen kunnen kijken.
Een zeehondje jaagt achter de vis aan en de zalmen springen dat het een lieve lust is.
Een visser vertelt iets over de zalm en de grote steur die leeft in de rivier.
's-Avonds eten we weer zalm.


Woensdag 08-09
Er is een afgespraak met Sophie Trouwborst een Nederlandse die al heel lang in Canada woont
Eerst met de metro naar Waterfront en dan met de waterbus naar Noord Vancouver, waar we worden opgewacht door een kolonie aalscholvers die op het dak van de aanlegplaats zitten.
Even door Lonsdale Market, wat een heel mooie ruim opgezette markt blijkt te zijn, en dan naar de boulevard, waar Sophie ons opwacht.
Sophie blijkt een lief, prettig gestoort maf mens te zijn met hele mooie verhalen.
Ook zien we, haar adoptie dochter, Fransien met haar zoontje Jonathan, we wandelen langs het waterfront van Noord Vancouver, een mooi aangelegde boulevard.
Even na 4 uur gaan we terug naar Richmond, waar Joseph een paar hele mooie stukken vlees op de bbq heeft.


Donderdag 09-09
Vandaag gaat het echt gebeuren, we staan bijtijds op en rijden met onze spullen naar Fraserway om onze motorhome op te halen.
Hij staat al op ons te wachten, alleen Margriet, die ons gaat inchecken is nergens te vinden.
Dan maar eerst de bagage inruimen en alle ander spullen.
Even later komt Margriet die ons de belangrijke weetjes gaat vertellen over onze Motorhome.
Nog even fietsen en helmen passen en na zo'n 2 uur info en incheck kunnen we vertrekken.
Samen rijden we achter Joseph en Brigitte aan die ons door de stad loodsen en gaan richting Squamisch.
Nog even een stop langs de mooie route om de Shannonfalls te zien een hoge waterval.
Dan echt naar Squamisch, waar we lunchen in een burger restaurantje met heel lekkere frites en waar ze hele goede burgers hebben.
Nog even boodschappen doen en natuurlijk even naar de BC Liqorstore om wijn in te slaan.
Dan op naar onze eerste campground, het wordt Alice Lake, een provinciaal park met kampeer faciliteiten, we vinden een mooi plekje onder de bomen.
De Campground, $38,00 voor één nacht, is mooi van opzet, ligt in de bossen en de plaatsen zijn ruim, er zit minstens 50 meter tussen ons en de buren.
We instaleren ons en wandelen nog even naar het meer, dat er mooi bijligt.
Daarna ruimen we de motorhome opnieuw in en vechten met het beddegoed om het bed boven de cabine op te maken.
Dan snurken in het berenbos.


Vrijdag 10-09
Na ons ontbijt, met eekhoorn op tafel in het bos, doen we eerst een rondje hiken rond Alice Lake en dan op naar Whistler, waar we parkeren op de grote parking aan de rand van Whistler. We gaan eerst even het centrum van Wisthler naar het infocenter.
Dan even aan de koffie met een broodje, als we binnen zitten gaat het buiten regenen en niet echt zachtjes, maar de zogenaamde pijpestelen.
We besluiten als het droog wordt om op de fiets naar Emerald te gaan waar de straat genaamd Pinetreelane is.
Inderdaad even later is het droog en fietsen we de richting van Emerald Lake uit.
Na een paar keer op de kaart te hebben gekeken hoe we moeten missen we een doorsteek en komen op een mountenbike route terecht.
Leuke om te doen, maar uiteindelijk belanden we weer in Whistler.
Dan maar even naar de Gondola's, waar bikers naar boven worden vervoerd, die dan even later weer met een bloedgang de berg afkomen.
We rijden door richting Pemberton en staan weer fantastisch op de campground van Nairnfalls Provincial Park.
's-Avonds bbq'en ik hak het hout, daarna stoken we een kampvuur in het berenbos.


Zaterdag 11-09
Als we voor ons doen redelijk bijtijds zijn opgestaan, we hoeven niet veel te doen want elektriciteit en douches hebben ze hier niet, gaan we richting de Falls.
Dit is een hike van ca 1,8 km langs Green River, echt een mooie wandeling.
De rivier is een echte kolkende rivier en de waterval is van grote klasse.
We leren hoe de rivier de weg vindt door zelf ondergronds zijn pad te vinden.
Hierna gaan we door richting North, eerste stop wordt Pemberton een plaats met 2500 inwoners, net iets groter dus dan Zijtaart.
Toevallig worden we erop gewezen dat er in het museum een markt is, dus erop af dan maar.
Het museum bevat een stuk of zes huizen uit het verleden en daartussen is een markt met lokele produkten.
Als we daar wat tijd hebben doorgebracht stappen we weer in ons rijdende huis en gaan richting Lillooet.
Een prachtige route met veel mooie plekjes.
Joffrey Lake is een park waar we even stoppen, maar als je er komt neem dan even de moeite naar het uitzichtpunt te lopen.
Lillooet is een plaats met veel ruimte en niet echt mooi.
We willen hier opvernachten en komen uiteindelijk uit bij Fraser Cove Campgrounds, waar we laatste vrije plaats kunnen bezetten.
Beneden wordet alles vrijgehouden voor de Salmon bbq party van vanavond.
Na ons te hebben geïnstalleerd, lopen we even naar de old bridge die op loopafstand ligt van de camping, een facinerende brug, met een mooi verhaal over witte steur.
De Old Bridge, ook wel genoemd the bridge of 23 camels.
Ooit was er een briljant persoon die kamelen had gekocht ipv ezels.
Ze zijn sterker, hebben minder voedsel nodig en zijn lang niet zo eigenwijs.
Maar hun poten konden niet tegen de ondergrond en ze joegen de paarden angst aan.
Toen het paard van de plaatselijke rechter schrok en de rechter voor several miles through the wilderness sleepte gaf de man het op en deed zijn kamelen weer weg.

Dan naar het feest, de Salmon smaakt hier totaal anders dan die we in Vancouver aten, maar hier is het een zoetwater vis die op Fraser River wordt gevangen.
Veel dorps bewoners zijn aanwezig en we praten even met een Nederlandse die vanuit Bussum hierheen gekomen is en een Winery is begonnen.
De muziek is van goede kwaliteit en voor we het in de gaten hebben is de avond weer voorbij.
O ja aan de overkant van de Fraser River kwam een zwarte beer ook nog even een kijkje nemen aan de waterkant.


Zondag 12-09.
Het is een beetje grijs als we opstaan, maar de temperatuur is goed.
We sturen richting Cache Creek en Kamloops.
De omgeving is er één van troosteloosheid kale bergen met een grijs soort begroeing.
Vlak voor Cache Creek stoppen bij de Hat Creek Ranch, een historische ranch, die vroeger dienst deed als postkoetsstation en herberg op de Cariboo Wagon Road.
Sommige gebouwen dateren uit 1860, maar het hoofdgebouw Hat Creek House is van 1861 en is afgebouwd in 1901. Het is een echte ranch, met veel dieren, paarden, gieten en kippen.
Niet schrikken als er ineens een ezel achter je staat.
We maken een rit van 10 minuten in de echte diligence en worden flink door elkaar gerammeld.
Een deel van het terrein is ingericht met een site van de Bonaparte indianen waar je kunt zien hoe hun verblijven voor zomer en winter er uit zien.
Tevens iets over de wijze van leer bewerken, vlees, groenten en kruiden drogen en hoe medicijnen werden gemaakt.
We eten een traditionele soep in de ranch en rijden verder, nu begint het ook nog te regenen, dus besluiten we wat verder door te rijden richting Wells Gray ProvincialParc.
Voorbij Kamloops begint de omgeving weer te veranderen in meer groen.
Tegen een uur of vijf zijn we het zat en zoeken een camping, op Pinegrove Campground vinden we een mooi plekje en even later zitten we met een glas wijn, SawmillCreeck, die we bewaren in de oven, bij het kampvuur en de bbq.


Maandag 13-09.
We zijn bijtijds op want er wordt aan de weg gewerkt vlak voor de camping.
Op naar Wells Gray Park.
De route wordt weer heel mooi met meer bossen en groen.
Bij Clearwater slaan we proviand in en vragen info bij het Informatiecentre van het park.
Op hun advies rijden we naar Wells Gray Golf Resort and RV park.
Ook hier vinden we een mooi plekje aan de rivier.
Fietsen van de auto en biken maar voor een uur, pfff wel steep hier.
Dan nog maar even een stukje lopen langs de golfbaan en op naar de camper voor alweer een glas wijn.
's-Avonds koelt het goed af, maar dit wordt goed gemaakt door een prachtige sterrenhemel, met de hele melkweg.


Dinsdag 14-09.
Als we opstaan is het allemaal erg vochtig buiten, dus binnen ontbijt.
Daarna Wells Gray Park in, we beginnen bij Dawson Falls, een schitterende waterval, klein Niagara, alles is mooi aangegeven.
Dan via de Helmcken Falls Rim Trail naar de Helmcken Falls, net de andere kant dan waar alle andere toeristen naar toe gaan.
Het is een mooie trail, langs de rivier en door het bos komen we bij de mooie 157 meter hoge waterval.
Weer terug naar de parkeerplaats is totaal 8 km trail maar het is een mooie.
Het is ondertussen lunchtijd geworden, dus op naar een picknickplaats bij Alice Creek.
Aansluitend gaan we naar Baileys Chute een platform aan de rand van de rivier, waar in de rivier een natuurlijke hindernis moet worden genomen door de Chianookzalmen.
We zien verschillende zalmen een poging doen om over de stroomversnelling te komen, een fascinerend schouwspel.
Op de terugweg doen we nog even Ray's Farm aan, een gebied waar een boer John Ray met zijn vrouw Alice en hun kinderen zich vestigden en uiteindelijk begraven werden.
Als laatste nog even de ander kant van Helmcken Falls, een schitterend natuurgeweld in de vorm van vallend water.
Vannacht kamperen we op de campground van Helmcken Falls Lodge, een kleine gezellige camping.


Woensdag 15-09.
Eerst doen we Spahats Falls als we wegrijden uit Wells Gray Provincial Park.
Dit park kent een paar zeer mooie watervallen, waarvan deze er ook weer één is.
Ook nu is de route weer bijzonder mooi, maar het weer is troosteloos.
We stoppen even in Valemount en kopen allebei een trui, want de temperatuur is aan het dalen.
Rijden naar Mount Robson Provincial Park.
Als we het park binnenrijden miezert het en is Mount Robson in nevelen gehuld.
Na informatie te hebben ingewonnen over de campground, gaan we eerst even naar de sanidump.
Het is de bedoeling dat we zwart en grijs water afvoeren vanuit de tanks in de camper.
Dit gaat niet zoals we graag zouden willen en we zijn driekwartier bezig, in de regen, met het doorspoelen van zowel zwart als grijs.
Uiteindelijk krijgen we de grijstank op groen, echter de zwarttank zakt niet verder dan één lampje en dit zouden er drie moeten zijn.
We geven het op en zoeken een mooi plekje op de natte campground Robson Meadow in het bos.


Donderdag 16-09
We zijn weer vroeg paraat en het weer is schitterend, na het ontbijt lopen we eerst even naar de Fraserriver die hier in dit gebied ontspringt, zo'n 1000km vanaf de Pacific.
Dan een klein stukje de auto in naar de parkeerplaats waar de berglaketrail begint.
Wij gaan alleen de eerste 7 km doen naar Kinney Lake.
Het is een hele mooie trail langs Robson river.
Dan komen na ruim 4 km we bij een wonderschoon meer, Kinney Lake is adembenemend mooi.
We volgen de trail langs het meer naar de wildernis campground.
Aan het meer met een fantastisch uitzicht op Mount Robson, met 3954 meter de hoogste berg van de Canadese Rockies, lunchen we en genieten.
Via dezelfde route gaan we terug naar de parkeerplaats en rijden richting Jasper.
Als we Alberta binnen rijden stellen we vast dat het ineens een uur later is en dat het informatiekantoor is gesloten.
Op goed geluk naar campground Whistler, giga groot met 781 plaatsen, waar we aansluiten in de rij motorhomes.
Alle plaatsen met elektrisch blijken te zijn bezet, dus twee nachten op een plaats zonder elektrisch dan maar.
We stoken ons kampvuur met nat hout en eten vlees van de gasbbq.


Vrijdag 17-09
Op de fiets naar Jasper, zo'n 4 km redelijk vlak parcours.
Eerst naar de toeristen info en dan door naar de bieb, want daar hebben ze internet.
Even wat mail lezen en versturen naar Nederland, zodat ze daar ook weten waar we uithangen.
Dan verkennen we Jasper, een beetje recht toe recht aan dorp.
We luchen even bij de plaatselijke Pizza boer, goede pizza voor 7 dollar.
Dan weer de fiets, op naar het station van de kabelbaan de Whistler, dat blijkt behoorlijk tegen te vallen.
Eerst 1,5 km vals plat en dan gaat het echt bergopwaarts, maar we houden vol, lopend en fietsend.
Bekaf komen we boven bij het station, maar zijn tevreden met onze prestatie.
Na even te zijn bekomen kopen we kaarten voor de gondel van half vier.
Na een mooie vaart naar het bergstation, op 2278 meter, van de Whistler, die zelf nog 200 meter hoger is.
Opeens staan we in de verse sneeuw, die afgelopen woensdag is gevallen.
De Whistler is vernoemd naar de fluitende bergmarmotten die hier wonen.
Het uitzicht is fantastisch en ondanks de min 2 graden is het heel aangenaam vanwege de zon.
In de verte zien we Mount Robson, wat redelijk uniek blijkt te zijn, maar het is de helderste dag van het jaar.
Om 5 uur dalen we weer af naar het grondstation waar de fietsen nog staan te wachten.
De afdaling gaat met grote snelheid we zijn in 10 minuten op de campground bij onze camper.
We rijden direct met de camper naar de douchruimte, want dat is zeker een kwartier lopen.
Na te hebben gedoucht en ons te hebben omgekleed rijden we naar naar Jasper en laten ons verwennen door de plaatselijke Cantonnees.


Zaterdag 18-09
Vandaag is het doel Maligne Lake.
Als we de camping af rijden zien we gelijk een opstopping, er blijken een zestal Caribou's langs de weg te staan, die wij natuurlijk ook even moeten fotograferen.
Een stukje verder staat een mannetje Caribou met een geweldig gewei langs de weg, ook een bezienswaardigheid.
Na wat oponthoud vanwege werkzaamheden kunnen we door richting Maligne Lake.
Na een bocht worden we verrast door een zicht op Medicine Lake, een geologische bijzonderheid.
In oktober loopt het meer leeg via ondergrondse kanalen, die 17 km verder uitkomen in de Maligne Canyon en het vult zich weer rond april als de sneeuw gaat smelten.
Dan door, via de weg lang het gedeeltelijk drooggevallen Lake naar Maligne Lake.
Maligne Lake ligt schitterend met besneeuwde Rockies op de achtergrond.
Het is er behoorlijk druk, toeristisch, bussen vol.
We doen de Mary Schäffer trail, zij was de eerste vrouw die als toerist te paard in 1908 het meer bezocht, langs een stuk van het meer.
Met ons een hele kudde Duitsers, die zich erover verbazen dat er zoveel Nederlanders in Canada op vakantie zijn.
Terug bij het restaurant nemen we even de tijd voor koffie met een koek en daarna schepen we in op één van de rondvaartboten(55 dollar/pp).
Dit is een fantastisch mooie boottocht over het meer omringt met hoge besneeuwde toppen en een drietal gletsjers, waaronder de Brazeau Icefields die het meer van water voorziet.
Onderweg doen we nog voor 10 minuten het Spirit Island aan waar we even kunnen rondkijken en van de vele fotogenieke vergezichten genieten.
Dan weer over het meer, dat 22 km lang is terug naar het beginpunt.
Met de camper rijden we terug richting Jasper, maar stoppen nog even bij Maligne Canyon, waar we de border trail van ruim 4 km doen.
Maligne Canyon is een mooi natuur element.
De Canyon heeft een diepte van ca 50 meter en soms een breedte van maar ca 3 meter.
Nog even tanken voor de benzine zuipende camper om morgen de Icefield Parkway op te gaan.


Zondag 19-09
Het heeft de hele nacht geregend en als we opstaan is het behoorlijk grijs buiten, maar ja we moeten niet klagen want we hebben net drie héééle mooie dagen gehad.
We ruimen alles in en gaan langs de sani-dump om te lozen en drinkwater in te slaan.
Dan nog even douchen en ondanks het grijze bewolkte weer toch maar naar het zuiden via de Icefield Parkway.
Deze weg ontleent zijn naam aan het gegeven dat er verschillende gletsjers langs liggen.
Na een korte rit komen we bij de Athabasca Falls, ook dit is weer een hele mooie, met een prachtige canyon.
We boffen steeds weer, want het regent niet echt hard, af en toe een paar druppels.
De koffie drinken we bij Sunwapta Fall Junction waar de open haard brand, één km voor de Falls.
Dan door naar Sunwapta Falls, ook weer bijzonder spectaculair.
Het is jammer dat de bergtoppen slechts af en toe zichtbaar zijn, maar dat geeft gelijk ook wel weer iets sinisters aan deze omgeving.
De volgende stop is de superatractie hier, de Columbia Ice Field.
Je mag niet de gletsjer meer op, maar het is en blijft een imposant schouwspel.
Door via de Sunwapta Pass, 2030 meter, naar de next stop, dit is het wonderschone Peyto Lake, een kleurrijk schouwspel ontvouwd zich als we op het uitkijkpunt aankomen.
Smaragd, groen omzoomd met een bruin-grijze achtergrond, je moet het gezien hebben!
Dan nog door de mist de Bow Pass, 2067 meter, naar Lake Louise.
Hier vinden we plaats 33 op de campground langs het spoor, wat ligt dat spoor dichtbij en het regent weer.


Maandag 20-09
Het heeft de hele nacht keihard geregend en het is dus voor de verandering maar weer eens grijs.
We besluiten nog een nachtje bij te boeken op deze campground, maar nu op plaats 84.
Na eerst even in het postkantoor, wat ze hier het depot noemen de mail te hebben gelezen en beantwoord te hebben, gaan we richting Lake Louise.
Dit blijkt een grote trekker te zijn want het is er behoorlijk druk.
We starten met de wandeling naar Lake Agnes, een steep road, ofwel een kuitenbijtend pad van 3,4 km, langs Mirror Lake, een spiegelrond meer.
De beloning is een monktea met een sandwich in het teahouse bij Lake Agnes.
Gelukkig valt het mee met de hoeveelheid regen.
Na enig aarzelen besluiten we de trail naar Plain of six Glaciers te doen, maar dan niet tot het eind, maar tot het Tea-house (5km).
Ook hiervoor moet je wel een beetje conditie hebben, weer worden de kuiten zwaarbelast, maar het resutaat is de moeite waard.
Onderweg helpen we een chinees met het maken van foto's en hij maakt er één van ons, met lake Louise op de achtergrond.
Zeker omdat de imposante gletsjers uit de nevel opdoemen en de pepperminttea goed smaakt. Totaal staat er vandaag 14,5 km bergpad op de wandelteller.
We vinden dat we wel iets hebben verdiend en eten daarom bij het Mountain restaurant een burger met een biertje.


Dinsdag 21-09
De regen is overgegaan in sneeuw, dus de wereld is wit en koud als we opstaan.
Volgens het weerbericht zal het beter worden, dus rijden we naar Moraine Lake, waar we met moeite nog een parkeerplaatsje kunnen vinden.
We doen de korte trail naar de ander kant van het meer, dat door de sneeuw een soort van kerstdecor vormt.
Als we aan de andere kant zijn wordt het langzaam maar zeker wat lichter en trekt de bewolking op en komen de reuzenbergtoppen te voorschijn.
Terug naar het begin van het meer waar we een warme choco nemen bij het café.
Dan de Tower of Babel trail, naar de top van een hoeveelheid steenbrokken met een mooi uitzicht over het wonderschone Moraine Lake.
Rond een uur of één zijn we hier uitgekeken en rijden naar het centrum, whats a name, van Village Lake Louise, dat overigens op 1536 meter ligt.
We besluiten even wat soep te eten en dan richting Peyto Lake te rijden, waar we vorige keer nogal wat lage bewolking hadden.
Nu is het een sprookjes witte wereld met een mooi meer met hoge bergen omzoomd, we maken weer behoorlijk wat foto's en het is moeilijk om hiermee te stoppen.
Als we klaar zijn met het genieten van Peyto Lake rijden we over de Icefield Parkway met om ons heen de hoge besneeuwde toppen van de Rockie Mountains.
Bij Bow Lake maken we nog even een stop en bezoeken de Mum Ti JAh Lodge, waar ik een Park mes koop.
Buiten bewonderen we de Bow gletsjer, samen met een groot aantal chinesen.
Een stukje verder zien we nog de Crowfoot gletsjer, met verse sneeuw gekroond in de zon stralen.
We boeken maar weer een nacht op de Lake Louise Campground, nu plot 80 en besluiten te gaan eten net als gisteren bij het Mountain Restaurant.
Poputine is frites met gesmolten kaas en een zoete saus erover leren we als we dit als voorgerecht bestellen.
We proberen nog even wat propane in te slaan, want we gaan een koude nacht tegemoet, dit lukt niet echt vanwege een verkeerd koppelstuk bij het benzinestation, morgen svp terugkomen want dan is de baas er.
Dus toch maar kijken hoe ver we komen met het gas.


Woensdag 22-09
De lucht is weer grijs als we opstaan, deze keer bijtijds.
Het is onduidelijk of en hoe hard het heeft gevroren vannacht.
Na te hebben uitgecheckt op de campground pakken we de oude verbindingsweg tussen Lake Louise en Banff, nu de 1A genoemd, een 60km weg.
De route is mooi, maar de lucht blijft laaghangen.
Het plan is om de Johnston Canyon te doen, ca 3km heen en door te gaan naar de inkpots, een natuur fenomeen van 5 bronnen met ieder een andere kleur.
Ook hier is parkeerplaats weer druk bezet maar niet overvol.
Via de canyon gaat de route deels over een pad en deels over soort een plankier door de canyon zelf heen.
De Lower Falls en Upperfalls van Johnston Creek zijn de moeite waard.
We doen nog een poging om naar de inkpots te gaan, maar staken deze na één kilometer bergop gaans, deels door de bearwarning en het eenzame pad.
Ondertussen is het opgeklaard en op de weg terug naar beneden blijkt ook de Johnston Canyon omringt door bergen van een fiks kaliber. De winkelstraat is uitnodigend, maar eerst maar een plekje zoeken op de campground die net buiten het dorp ligt.
Dat is snel gevonden en we rijden na weer wat getob met het leegmaken van het vuilwatersysteem richting centrum om boodschappen te doen.
Eerst brengen we onze vuile was nog even naar een chinese laundry cleaner, die kunnen we rond 7 uur weer ophalen.
Dan verkennen we met hulp van het informatieburo van Banff het dorp en belanden uiteindelijk in de Ierse Pub waar we een bier drinken met tortilla's met kaas en zure room.
Na het biertje halen we de was op die keurig gevouwen op ons ligt te wachten.
De beste chinees is de Banff waschinees.
Terug op de campground schijnt de volle maan uitbundig boven de heldere bergen en maak ik het vlees gaar in de maneschijn op de bbq.


Donderdag 23-09
Na een koude nacht, het heeft flink gevroren op de hoogte waar Banff ligt.
Eerst maar even ontbijten en dan wandelen naar Banff, waar we Whyte museum bezoeken.
Dit is zeer de moeite waard, er is een special over de Grizly en over het bezoek aan de wereld van Chief Big Buffalo.
We lunchen bij Balkan een Grieks restaurant en buurten wat met de bediening, de gyros is niet echt de Griekse.
Dan lopen we weer terug naar de campground en koppelen alle verbindingen los.
We rijden naar de upper Hot springs, een beetje een belegen zwavelbad, waar het overigens heerlijk toeven is.
Het water is een weldaad voor onze spieren en loom komen we na anderhalf uur uit het bad.
Bij het wegrijden worden we getorpedeert door een mini, wij hebben niets en de mini een deukje, we kopen het af met een sorry.
Op de terugweg doen we nog even de Ierse Pub aan, waar we aan de bar in gesprek raken met een jongen uit Leeds, die 4,5 jaar geleden naar Canada is gekomen.
Hij leert ons wat een car-bomber(een half glas Guiness en daarin doop je een klein glas met de helft Jameson en de ander helft Baileys) is en we krijgen er één kado, waarna hij ons bier opdrinkt, een mix van Honey Browen en Mc Killian Cream Ale.
De bar geniet mee!!
De car-bomber werkt niet want ik rij de camper zonder problemen op zijn plek.


Vrijdag 24-09
Ook nu is de morgenstond weer grijs, maar we staan toch maar op en hadden ook in bed kunnen blijven.
Vandaag gaan we richting Drumheller, het dorp van de Hoo Doos.
Als we net op pad zijn zien we een verwijzing naar Hoo Doos bij Banff, we stoppen dus maar even en gaan naar het uitzichtpunt.
We boffen extra, want er steekt een kudde herten (elks) de rivier over en ondanjs de grote afstand is het een fraai gezicht.
Al spoedig verlaten we de Rockies en rijden door een weidslandschap met graanvelden, een totaal ander wereld dan de bergen van de rockie Mountains.
we lunchen voor het eerst sinds lang in de openlucht aan een picknicktafel, het weer is schitterend op de campground van Irrican die die één en al rust uitstraalt.
Daarna door na Drumheller, waar we eerst het informatiecentrum bezoeken, die ons goed op weg helpen.
De eerste Campground, Dinosaur RV Park is helemaal niets, dus besluiten we te gaan kijken bij The Hoodoo RV Resort & Campground, dat is beter.
Aan de kant van de Red Deer River vinden we een leuke plek.
Geloof het of niet maar het is hier 24 graden.
Vanaf hier kunnen we mooi fietsen naar de Hoo Doos, wat we dus ook maar doen.
Deze Hoo Doos zijn indrukwekkend, een natuurfenomeen dat je niet mag missen als je in Canada bent.
Je kunt er vrij rond dwalen rond deze Hoo Doos, er zijn veel mensen.
We volgen op de fiets nog even de oude weg rond de Hoo Doos, hetgeen de moeite waard is, met een auto was dit niet gelukt.
Dan terug naar de Campground, waar we bbq'en tot een uur of negen, rond ons kampvuur, genietend van de maan en de sterren.
Dan wordt het toch te kil en gaan binnen aan de thee.


Zaterdag 25-09
Voor het eerst sinds een aantal weken kunnen we weer buiten ontbijten, lekker temperatuurtje hier.
Dan gaan we weer op de fiets naar eerst Drumheller zo'n 14 km en dan door een kleine 7 km naar het Tyler Museum, dat vandaag de deuren heft geopend ivm hun 25 jarig bestaan.
We zijn niet de enige bezoekers, maar dat deert niet want het is een groot museum met veel mogelijkheden.
Je maakt een soort reis door de tijd, vanaf het prille begin van de aarde tot vandaag de dag, begeleidt door fossielen, Dino's en Rexxen in alle soorten en maten, met aan het einde de olifant, schildpad en krokodil.
Na een uurtje of 2 is het gedaan en fietsen we terug naar Dumheller, waar we een sandwich eten bij een Italiaans café.
Dan met straffe tegenwind naar de campground terug, waar we met de motorhome vertrekken naar Rowley, de Pizza avond in Sam's Saloon in een gat in the midlle of nowhere.
We moeten een paar km over een soort van macadamweg en komen in een dorp van niets terecht, een soort van ghosttown, met een station, een bank, een saloon etc. etc.
Het is er een drukte van belang, we bestellen een biertje en een pizza.
Dat is even wachte, ca 2 uur voor de pizza.
Maakt niet uit want het is er gezellig en druk.
In het donker rijden we terug naar de campground.


Zondag 26-09
Vandaag missen we het pannenkoek ontbijt in het schoolmuseum, gewoon omdat we te laat opstaan.
Dus toch maar ontbijt op de campground en aansluitend op de fiets naar Wayne, de weg is 6 km lang en er zij elf bruggen op de route.
Dit is inderdaad erg bijzonder goed te doen op de fiets, bij elke brug maken we een foto, leuk die route.
Volgens onze informatie zou deze weg met zijn bruggen in het Guinness Book voorkomen.
Aangekomen in Wayne, een oud mijnwerkersstadje, blijkt dit inderdaad ongever het eind van de wereld te zijn, het dorp telt nog 27 inwoners en ooit waren dit er bijna 2500.
Er is ook een bijeenkomst van echte Bikers ( motor, Harley's etc.), maar het hotel en de bijbehorende Saloon, met de treffende naam The last Chance, heeft ook voor ons nog een lunchplekje vrij.
We buurten daar ook nog even met onze campgroundburen uit Calcary.
Dan weer dezelfde route terug op de fiets, door dit bizarre landschap.
We doen ook nog even de suspensebridge aan die vrolijk boven de Red Deer River schommelt.
Deze werd gebruikt door de mijn werkers om vanuit Drumheller naar hun werk te komen.
Terug op de campground krijgen we een beste regen bui te verwerken, maar daarna klaart het weer helemaal op en kan de bbq en het kampvuur aan.


Maandag 27-09
We vertrekken uit Drumheller en gaan richting Waterton.
Het prairylandschap is soms betoverend mooi, afwisselend koeien, graan en paarden.
We tanken even in Gleichen, een beetje Duits aandoende naam, en dan verder naar het zuiden, de wind neemt toe.
Onderweg doen we Head Smashed In Buffalo Jump aan, een erfgoed onder UNESCO, hier stormt het dat het en lieve lust is.
Volgens de Guard die hier werkt waait het hier altijd en valt het vandaag mee.
Het is hier maar zo'n 50 dagen per jaar rustig weer met weinig wind.
Hier joegen de indianen 6000 jaar lang de buffalo's over de rand van een 12 meter hoge klippen van de Porcupine Hills, om voor de winter hun eten geregeld te hebben.
Het architectonische Interpretive Centre is zeker van hoge kwaliteit en een bezoek dubbel en dwars waard.
De naam Head Smashed In Buffalo Jump heeft het te danken aan een oude indianen legende.
Een jonge Blackfootkrijger was onder de overhangende rots gaan staan om vanuit deze ereloge de jump gade te slaan.
Het was die dag een buitengewoon geslaagde jacht.
De Bizons stapelden zich op en de jongen raakte bekneld tussen de rotswand en de vallende Bizons.
Toen de indianen later de dieren weghaalden om ze te slachten, troffen ze de jonge krijger aan met een verbrijzelde schedel.
Wij halen gewoon ons eten bij de supermarkt en genieten van de spaghetti op de campground van de Mormonen gemeenschap Cardston



Dinsdag 28-09
We kunnen buiten ontbijten, dat is al weer een tijdje geleden.
Hier kunnen we ook wassen, bij gebrek aan waspoeder doen we het maar met champoo.
Omdat we toch moeten wachten gaan we maar op zoek naar de highlight van dit dorp, de oudste Mormonen tempel van Canada, gebouwd imn 1912.
Je kunt het enorme bolwerk alleen van de buitenkant bezoeken, binnen is voorbehouden voor de Mormoonse leden.
Wel kunnen we op de terugweg naar de campground het woonhuis bezoeken van de stichter van deze tempel
Na de was uit de droger te hebben geplukt zetten we koers naar Waterton, ondertussen is de wind weer toegenomen tot een forse storm, die onaangenaam aanvoelt.
De route naar Waterton is bijzonder mooi om te doen met mooie uitzichten over waar de prairie de bergen raakt. In waterton kost het moeite een aardig plekje te vinden op de campground, maar uiteindelijk lijkt nr 22 het beste, met enige bescherming tegen de storm.
Je kunt Waterton niet aandoen zonder een bezoek aan het Prins of Wales hotel, dat boven op een rotspunt die in het meer steekt ligt.
Het hotel is al gesloten voor het seizoen, maar het uitzicht is adembenemend, en niet alleen door de harde wind.
We wandelen nopg een keer door het dorp, verscheidene winkels zijn al gesloten en de liqorstore houdt uitverkoop en gaat over twee weken dicht.
Ook de supermarkt is nog maar voor een derde gevuld, eten kopen lukt niet meer hier.
Na een biertje op het terras gaan we eten bij de Italiaan van het dorp.
Als we daar zitten begint het te regenen en niet zuinig ook, voordeel is dat de wind dan weer is gaan liggen.
Druipend komen we aan bij de motorhome.


Woensdag 29-09
Als we opstaan schijnt de zon en , hoera!, er is geen wind.
Waterton staat bekend om de chinookwinden die in september beginnen.
We besluiten richting Radium Hotsprings in BC te gaan.
Maar eerst doen we nog de Bear Hump trail een stevige kuitenbijter van 1,2 km.
Het uitzicht is prachtig en je overziet de hele omgeving, beren zijn er echter niet.
Dan over de mooie maar drukke Crowsnest Pass richting BC, onderweg zien we nog de grootste truck 300ton, gebruikt in de mijnbouw, ter wereld in Fernie.
Het doel voor vandaag wordt Fort Steel waar we naar de campground rijden, daar ontdekken we dat dit deel van Bc ook de Mountaintijd van Alberta hanteert.
De Campground is duur en rumoerig door de weg die er direct langs loopt.
Maar we hebben een plekje in de zon en genieten nog even van de warmte


Donderdag 30-09
Als eerste gaan we naar Fort Steele, dat echt de moeite waard is.
Fort Steele is een museumdorp met zo'n 60 gerestaureerde huizen en gebouwen.
Na Bakerville het grootste in zijn soort in BC.
Het is de oorspronkelijke nederzetting, die ontstond in de tijd van de goldrush van 1864.
het dorp wordt bevolkt door mensen in kleding uit die tijd, m.a.w. je wordt meegenomen naar de tijd van 150 jaar geleden.
Je kunt er gemakkelijk een uur of drie doorbrengen, zonder je te vervelen.
Wij waren er in het naseizoen en betaalden slechts $ 5,60 pp (ipv $12,50) voor de entree, maar in het hoogseizoen wordt er meer vertier geboden.
Bij de Backery kochten we een traditioneel in een houtoven gebakken brood, een verademing na al die canadese broden.
Na Fort Steele, door naar Golden, een dorp waar de reisgidsen hoog over opgeven om er naar toe te gaan.
Wij vonden het helemaal niets, een lelijk dorp.
Maar door een toeval hebben we er wel heerlijk gegeten, bij, de nu gesloten "The Kicking Horse Grill", dat in handen is van de Nederlander Martijn Duijts.
De Golden Campground Municipal stelt niet veel voor, langs het spoor met veel lawaai als er een goederentrein passeert.
Niet echt geschikt voor een langer verblijf dan één nacht.


Vrijdag 01-10
Het is ontzettend mistig als we wakker worden en we hebben de goederentrein vannacht verschillende keren gehoord.
Min of meer blij dat we kunnen gaan, want Golden is dus echt niets.
De route voert via de Rogerspass waar we on top even stoppen bij het infocenter en een film zien over lawine preventie.
Ook doen we nog een tweetal trails, de rotstuintrail en de Skunck Garbage trail.
We willen naar Nakusp als het even kan naar een hotspring.
Via Revelstoke, met zijn mooie centrum, kiezen we de route langs de lakes, waarbij we moeten oversteken met een ferrie over het Upper Arrow Lake.
We proberen het eerst bij Halicon Hotspring, daar is de Campground echter Full booked, maar als we willen kunnen we overnachten op de Parkeerplaats.
Dat ziet er niet aantrekkelijk uit, dus rijden we door naar Nakusp, waar we bij de Hotsprings wel een mooie plek vinden op de Campground.
We regelen gelijk een bezoek aan de Hotspring zelf en duiken het warme water in, heerlijke ontspanning.
Ondertusssen hebben we beslote nog een nachtje bij te boeken hier, incl.dagkaart voor de Hotspring.
Als we bij het kampvuur nog iets drinken zien we de melkweg weer in zijn volle glorie, iets wat in Nederland steeds moeilijker wordt.


Zaterdag 02-10
Vandaag gaan we op de fiets naar Nakusp, waar een Farmersmarket is.
Tegen half tien fietsen we weg van de campground, waar de zonm net doorbreekt, 14 km naar het dorp, deels bergafwaarts.
Half weg komen we in de mist terecht, die pas na de middag zal optrekken.
Drie kwartier later zijn we in het centrum en zetten onze fietsen bij de Biep aan het rek vast.
Eerst naar binnen om even de mail te checken en wat mail te versturen, Internet is hier het eerste uur gratis.
Dan een wandeling over de FarmersMarket, een stuk of acht kraampjes met lokale goederen en goedbedoelde handvaardigheid.
We wandelen het pad langs het meer, een mooi pad, met een mooi uitzicht op het meer.
Onze lunch doen we bij een geemigreerde Bayern, Bratwusrt mit frites.
Dan terug naar de campground, 14 km waarvan zeker 11 bergopwaarts.
Dat is afzien, maar met veel moeite lukt het ons toch om bezweet en wel op de campground terug te komen.
Na even uitzweten gaan we nog maar eens naar hotspring, waar we een dagkaart voor hebben.
We raken in gesprek met een Staffmember, die vanuit Maastricht in 1973 is geemigreerd.<
De spieren komen dan weer tot rust in het warme bad.
Na een uurtje gaan we terug naar onze villa op wielen en eten beide een stuk pizza, meegenomen van de lunch in een doggyback, Jeanette Spaghettie en ik een biefstuk van de bbq Dan nog weer een uurtje in de hotspring, tot de sterren beginnen te schijnen.,br> Bij het kampvuur besluiten we de dag met uitzicht op de melkweg.


Zondag 03-10
We zijn bijtijds wakker en ontbijten.
Rond half negen rijden we weg van de hotsprings, eerst weer de 12 km naar het meer.
Ook nu rijden we weer de mist in halfweg.
De route langs het meer via New Denver richting Castlegar is echt heel erg mooi, waar bij we een paar mooie dorpjes doorrijden, waaaronder Silverton.
Over de Bonanzapass richting Grand Forks, een route langs de Amerikaanse grens.
Het brengt ons uiteindelijk in Osoyoos, dit blijkt een lelijke plaats te zij met afschuwlijke campings.
We besluiten door te rijden naar het wat kleinere Oliver, van het zelfde laken een pak blijkt.
Uiteindelijk vinden we na lang zoeken een plekje op de belegen Campground midden in het dorp.
we besluiten dat dit maar voor één nacht gaat worden want met de Okanagan op deze wijze hebben we geen van beide iets.
Het diner doen we bij een Indieër, die in Oliver een restaurant heeft, de bediening is een Tsjech uit Carlo Vivari en we krijgen muisjes zonder beschuit als dessert.


Maandag 04-10
Na het opstaan gaan we richting het ontbijtcafé, want daar hebben ze wifi.
Joseph en Brigitte hebben een mail gestuurt, ze blijken sinds gisteravond in Osoyoos te zijn in het Best Western.
We proberen te bellen, maar ze zijn niet te vinden daar in het hotel, dus we geven een boodschap door dat we naar het hotel zullen komen.
Even later hebben we elkaar gevonden.
Als eerste gaan we naar de campground Hayns Point, op de landtong in het meer, dit is een provincialpark campground, waar we een heel mooi plekje vinden aan het meer.,br> Dan gaan we op pad en bezoeken een aantal Winerie's, Nk Mip Cellars, opgezet door lokale indianen.
Burrowing Owl Estate, de Silver Sage Winery en Gehringer Brothers Winery.
We laten ons natuurlijk overhalen tot het kopen van een paar flesjes.
we lunchen bij de golfbaan in Oliver, met uitzicht over de vallei.
Terug in Osoyoos kopen we spullen voor de bbq op ons mooie plekje op de campground.
Met een avond bij het kampvuur, een goed glas wijn bij een mooie steak, gepofte aardappel in het vuur en een prachtige sterrenhemel besluiten we deze dag.
>

Dinsdag 05-10
Om half elf hebben we afgesproken bij het toeristen info centrum.
Als we net op weg zijn komen we langs de spotted lake, een natuurverschijnsel waarbij zout en mineralen zorgen voor een wit meer metr ronde poelen.
We gaan gezamenlijk richting Merrit, via eerst Keremeos, waar we koffie drinken bij de duitse bakker, die niet echt goede koffie kan maken.
Brigitte wil even langs de Nederlandse shop een stukje verder in het onooglijke dorp.
Als we hier niet binnen zijn komt Brigitte weer eens oude kennissen tegen die in Osoyoos een bed en breakfast hebben.
Wij buurten ondertussen met Riet een onvervalste Rotterdamse volksvrouw met het hart op de tong.
Na het buurten nog even naar een fruitstal met een enorme voorraad pompoenen, we vragen ons af wat ze daar allemaal mee gaan doen, maar het oogt mooi.
Via een mooie weg vervolgen we de route naar Princeton, waar we zullen lunchen.
Hier komen Similkameenrivier en tulameenrivier bij elkaar en gaat verder als Similkameenrivier.
Bij toeval komen we terecht bij een tearoom, die blijkt te worden gedreven door een nazaat van Nederlanders, dus er wordt weer wat afgebuurt.
We vervolgen de route door een mooi bergachtig landschap met veeteelt en meren.
In Merrit vinden we snel een plaatsje op de Campground, Claybanks RV Park, terwijl Joseph en Brigitte een kamer regelen in een motel.
Op advies van de mevrouw van de Campground eten we in de Pub van het 100 jarige hotel Coldwater in het centrum, een aanrader blijkt.
Morgen door naar de FraserCanyon.


Woensdag 06-10
We rijden op tijd weg uit Merrit richting Fraser valley.
Een mooie route voert ons langs Nicola river naar Spences Bridge aan de Thomson river, hier gaan we naar het zuiden.
In Lytton, waar de Thompson river samenkomt met de muddy Fraser river, drinken we koffie.
Na een rit door de wonderschone FraserCanyon komken we aan bij Hells Gate, een vernauwing in de canyon, waar het water zich met geweld door wringt.
We gaan met de kabelbaan over de gate naar de andere kant van de rivier.
In de vernauwing zijn vistrappen gemaakt om de zalm te kunnen laten passeren naar hun geboortegrond.
Er is een tentoonstelling over de aanleg van de spoorlijn in de Canyon, waarbij de rots voor een deel in de canyon terecht kwam en de zalm geblokkeerd werd.
We eten soep met uitzicht op de Hells Gate en nemen de kabelbaan terug.
Door naar Harrison Hotsprings, waar we de laatste nacht in de motorhome gaan doorbrengen.
De Campground waar we staan is duur, bomvol en het zijn kleine plekjes.
We eten samen met Brigitte en Joseph in de motorhome, een soort chili waarbij we proberen alle restjes op te maken.
De wijn Pinot Noir van Silver Sage Winery smaakt hier prima bij.


Donderdag 07-10
Om zeven uur zijn we wakker en gaan ons voorbereiden op onze laatste uurtjes met de motorhome.
Even na negen uur rijden we weg en duiken direct de drukte in richting stad Vancouver.
Om elf uur arriveren we bij Fraserway, waar we indraaien in de returnlane.
Met grote efficientie wordt de zaak afgehandeld, we buurten nog even met Eeke en om twaalf uur zit het erop!!!!!
Terug naar het huis van Brigitte en Joseph, vlug nog even een grote burger om het af te leren.




terug naar boven